‘Weer een stap verder om gedrag van tumoren te begrijpen’

Prof. dr. H.J.M. (Harry) Groen, longarts-oncoloog UMCG, gespecialiseerd in targeted therapy, tot voor kort voorzitter NVALT werkgroep Longoncologie

 

prof Harry Groen, longarts-oncoloog UMCG

“Hartwig Medical Foundation is een uitstekend initiatief, dat ik vanaf het begin een warm hart toedraag. De data van Hartwig zijn een mooi eerste begin en een waardevol hulpmiddel om beter te voorspellen bij wie een behandeling wel of niet zal aanslaan. Het is wel belangrijk whole genome sequencing (WGS) niet als dé oplossing te zien, maar als onderdeel van een enorme puzzel.

Passend medicijn
Zelfs als je weet dat iemand een specifieke genmutatie heeft, is het nog veel trial en error om daar ook een passend medicijn bij te vinden. Dan zie je bijvoorbeeld dat het medicijn werkt bij patiënt a en b met die mutatie, maar niet bij patiënt c. Blijkbaar spelen dus nog andere factoren een rol. Hoe verandert bijvoorbeeld het eiwit? Als je dat ook weet, dan kom je wellicht bij andere medicatie uit.

De vraag is: hoe kun je de predictie beter maken? Ik denk dat gevoelige testen van meerdere cellulaire regelniveaus een eerste vereiste zijn om de pathofysiologie beter te begrijpen. Maar de juiste interpretatie van uitkomsten is nog wel een probleem. De interpretatie kan geholpen worden door wereldwijde databronnen te koppelen aan ons nationale databestand. Dat wordt ontwikkeld door het door ZonMw toegekend PATH-project. Binnen dit project stimuleren we de samenwerking van verschillende Moleculaire Tumor Boards (MTB) en standaardiseren we de toegang om snel de verschillende informatiebronnen te raadplegen.

Met Hartwig en iedereen die met onderzoek naar kanker bezig is, moeten we proberen die predictieve mogelijkheden verder te vergroten.

Anders denken over grens ‘werkzaam’
In richtlijnen stellen we arbitraire grenzen rond wat we wel en niet werkzaam noemen. Voor chemo geldt bijvoorbeeld: als het bij minder dan 10% van de patiënten aanslaat, noemen we het niet werkzaam. Daarmee weet je en accepteer je dat je sommige patiënten onderbehandelt en anderen overbehandelt. Je weet alleen niet wie. Dat is epidemiologie; je stelt een grens vast die puur op aantallen is gebaseerd. Genomische en pathofysiologische informatie levert meer specifieke kennis op. Die kennis heeft de toekomst. Met DNA-data van Hartwig gekoppeld aan de kennis en ervaring van de tumorboards ga je weer een stap verder om het gedrag van tumoren te begrijpen.

Met tumorboard zoveel mogelijk bronnen betrekken
Van de patiëntrapporten van Hartwig zou ik de rapportage graag nog veel dieper willen. Hoe diep is er gesequenced bijvoorbeeld, wat zijn andere mutaties? Bij besprekingen in onze tumorboard proberen we zo breed mogelijk te kijken en zoveel mogelijk bronnen te betrekken. De bevindingen die wij doen, gaan in een berichtje met advies naar de hoofdbehandelaar.

Het is belangrijk dat als wij met onze tumorboard in Groningen tot een bepaalde conclusie komen, dat niet een Gronings feestje blijft. Dat moeten we landelijk of zelfs nog verder delen. Daarom is het goed dat het initiatief is genomen voor PATH, een platform van alle tumorboards. Zo kunnen we binnenkort bij elkaar in de keuken kijken. Dan hebben we een plek om samen te discussiëren en voorkomen we dat we steeds het wiel opnieuw uitvinden.

Het duurt meestal twee tot drie jaar voordat nieuwe inzichten in richtlijnen komen. Door goede samenwerking kunnen we de nieuw opgedane inzichten, waar de data van Hartwig wezenlijk aan bijdragen, hopelijk eerder in de praktijk toepassen.”